Voor coaches
Vind een coach
Voor partners
Nieuws & Inspiratie
Over NOBCO
donderdag 18 december 2025
Eerder dit jaar verscheen een onderzoek over wat coaches precies tegen hun coachees zeggen. Coaches blijken vooral actief te luisteren, te checken wat ze hun coachee horen zeggen, de inhoud van het verhaal van de coachee te verkennen en soms advies te geven. In een vervolgstudie gingen dezelfde onderzoekers na of deze verbale uitingen ook samenhangen met de ervaringen van coachees.
In een eerdere wetenschapsblog besprak ik het onderzoek van James Gavin en collega’s, waarin zij onderzochten wat coaches precies tegen hun coachees zeggen. Hiervoor analyseerden zij gesprekken van 48 coach-coachee paren. De resultaten lieten zien dat bijna de helft van de uitspraken van de coaches zogenoemde “kleine aanmoedigingen” waren, zoals “hmmmm” of “ok”. Ook het reflecteren op wat de coachee inhoudelijk vertelde kwam relatief vaak voor, net zoals het geven van informatie of advies en het verkennen van wat de coachee inhoudelijk vertelde.
In hun meest recente artikel wilden de onderzoekers een vervolgvraag beantwoorden: hangt wat en hoe vaak coaches iets zeggen samen met de ervaren coachrelatie en ervaren vooruitgang van coachees? De onderzoekers keken naar twee aspecten van de coachrelatie: in hoeverre stemmen coach en coachee af over de doelen waar aan wordt gewerkt, en in hoeverre is er sprake van wederzijds respect en vertrouwen.
De resultaten laten zien dat er meer overeenstemming was over doelen in sessies waarin coaches minstens een aantal keer het leren van de coachee verkenden, vergeleken met sessies waarin dat niet gebeurde. Het verkennen van het leren van de coachee valt volgens de onderzoekers in de categorie “onderzoeken”, waarbij coaches met behulp van open vragen een coachee uitnodigen om meer te vertellen. Daarnaast bleek dat in sessies waarin coaches vaker advies gaven, de overeenstemming over doelen juist lager was. Ook het vaker controleren of de coach de coachee goed hadden begrepen, of het expliciet vragen om toestemming om iets te vragen of te zeggen, hing samen met minder overeenstemming over doelen.
Als het ging om wederzijds respect en vertrouwen tussen coach en coachee (ook wel de affectieve band genoemd), dan leken andere verbale uitingen een rol te spelen. In sessies waarin coaches in ieder geval een aantal keer reflecteerden op de gevoelens en emoties van de coachee, ervaarden coachees deze affectieve band als sterker dan in sessies waarin dat niet werd gedaan. Niet alleen het reflecteren op, maar ook het verkennen van emoties en gevoelens bleek samen te hangen met een sterkere affectieve band. Ook het verkennen van het leren van de coachee kwam overigens vaker voor in sessies waar de affectieve band sterker was. Daarnaast speelde het geven van feedback een rol. Zo beoordeelden coachees de affectieve band als sterker wanneer coaches veel bevestigende feedback gaven. Wanneer coaches feedback gaven die niet aansloot bij de ervaringen en gevoelens van de coachee, beoordeelden coachees de affectieve band juist als zwakker. Ook in sessies waarin de coach de bredere context van de coachee verkende (denk aan de sociale omgeving of de werkomgeving van de coachee) beoordeelden coachees de affectieve band als minder sterk.
Dat verkennen van de bredere context van de coachee bleek overigens ook samen te gaan met minder ervaren vooruitgang door de coachee. Hetzelfde gold voor feedback die niet aansloot op de gevoelens en ervaringen van de coachee. Ook in sessies waarin het geven van advies vaker voorkwam, ervaarden coachees minder vooruitgang. In sessies waarin de coach minstens een aantal keer de emoties van de coachee verkende, ervaarden coachees juist meer vooruitgang.
De resultaten laten zien dat vooral het verkennen van en reflecteren op emoties en leren vaker voorkomen in sessies die coachees positiever beoordelen op overeenstemming over doelen, affectieve band en vooruitgang. Terwijl het geven van advies of het geven van feedback die niet aansluit juist samengingen met minder positieve beoordelingen. Opvallend is dat de meest voorkomende uitspraken van coaches, namelijk kleine aanmoedigingen zoals “hmmm” en “ok”, niet samenhingen met de ervaringen van de coachees.
De resultaten uit het onderzoek geven relevante aanwijzingen over welke verbale uitingen helpend kunnen zijn voor de coachrelatie en voor de ervaren vooruitgang. Toch kunnen we niet zeggen dat deze uitspraken automatisch zorgen voor een betere coachrelatie en meer vooruitgang. Er is in dit onderzoek namelijk niet gekeken of de uitspraken van coaches ook daadwerkelijk de oorzaak waren van die betere coachrelatie of ervaren vooruitgang. Het is bijvoorbeeld goed mogelijk dat coaches die signaleren dat er nog geen overeenstemming is over het doel van de coaching, bepaalde dingen zeggen om die “mismatch” op te heffen. Denk aan het vaker checken of zij de coachee wel goed hebben begrepen. De onderzoekers raden daarom aan om de verschillende verbale uitingen verder te onderzoeken. Denk aan een experiment waarin de ene groep coaches regelmatig checkt of zij de coachee goed hebben begrepen en de andere groep juist niet.
Ondanks deze kanttekening zijn er op basis van de onderzoeksresultaten relevante praktische aanbevelingen te geven. Zo benadrukken de onderzoekers dat coaches het geven van advies zoveel mogelijk dienen te vermijden. Daarnaast denken de onderzoekers dat het verkennen van emoties wel eens een belangrijk ‘werkzaam ingrediënt’ van coaching zou kunnen zijn dat meer aandacht verdient. En ook het verkennen van het leren van de coachee is volgens de onderzoekers een vruchtbare aanpak bij coaching die meer nadruk zou mogen krijgen.
Gavin, J., Bernardi, N. F., Thomas, E., & Chacra, J. A. (2025). What do coaches say? A preliminary investigation of coaches’ verbal behaviours. International Journal of Evidence Based Coaching & Mentoring, 23(1), 188-204. Gavin, J., & Bernardi, N. F. (2025). How words matter – coaches’ verbal interventions and their relationship to coach/client outcomes. International Journal of Business and Management, 20(6), 181-196.
Dr. Eefje Rondeel (1982) is docent psychologie aan de Open Universiteit. Vanuit NOBCO is ze redactielid van het e-magazine en tevens betrokken als co-promotor bij het dissertatieonderzoek naar effectieve bestanddelen van coaching. Samen met sociaal psycholoog Pieternel Dijkstra schreef ze het boek Evidence-based Coachen. Haar meest recente boek “Zin en Onzin over Coaching”, dat ze schreef met Master Practitioner coach en supervisor Aveline Dijkman, verscheen in 2024.